JEEPTOUR DANAKIL DEPRESSION ( 20 -23 APRIL 2019 )

De komende drie dagen bezoeken we Danakil Depressie, één van de highlights van Noord-Ethiopië. Dit gebied ligt in Afar-gebied grenzend aan Eritrea. De Afar zijn moslims en de oorspronkelijke bewoners van dit gebied. Ze staan bekend als een nors en eigenwijs volk en controleren met hun eigen mensen dit gebied. Met drie jeeps vertrekken we vanuit Mekele richting Ert Ale, een actieve vulkaan. Om veiligheidsredenen rijden we in kolonne. We zijn blij dat Febe en Nele opnieuw onze reisgenoten zijn. We houden een eerste stop in het dorp Abale, waar matrassen, voedsel en water ingeladen worden. Nog drie andere jeeps voegen zich bij ons en in één lange kolonnne rijden we verder. We doorkruisen spectaculair en mooi landschap:

eerst dalen we het hoogland verder af en rijden via pistes door woestijngebied. De Chinezen zijn hier druk in de weer om een asfaltweg aan te leggen tot aan de Rode Zee, als doorvoerweg voor in- en export. We puffen en blazen, het is meer dan 40°C. We rijden langs enorme lavavelden. In de verte zien we de rokende Erte Ale vulkaan, ons einddoel voor vandaag. De laatste 12 km wordt het bumpy-rijden over de lavavelden. We krijgen een gratis Afrikaanse massage. Een jeep is hier geen overbodige luxe! Een uur later bereiken we het basecamp, een groot woord voor enkele eenvoudige hutten met strodak. Toen er vorig jaar spanningen waren met Eritrea werd dit kamp ingepalmd door het leger.

Er lopen meerdere Afar-mannen rond met een kalashnikov op de rug. Kamelen worden geladen met matrassen en vertrekken naar de slaapplaats bij de krater. Als de avond valt vertrekken ook wij richting krater, met de gids voorop en enkele bewakers voor en achter. De laatste 9 km moeten we te voet de vulkaan op. Het staptempo van de groep ligt vrij hoog en is licht stijgend, geen evidentie voor 55plussers met enkel jeugdigen in de groep. Het is donker en het volle maanlicht zorgt voor mysterieus stappen op de lavastenen. Drie uur later bereiken we onze slaapplaats. Even verderop ligt de krater, de zwavellucht prikt in onze neus. In het donker, met enkel het licht van zaklampen, klauteren we over zachte lavarotsen tot we de kraterrand bereiken.
Enorme sulferwolken drijven over de rand, waardoor we de mond moeten bedekken met onze buff. We zijn toch wat ontgoocheld. We hadden gehoopt om magma te zien, maar sinds twee jaar kan je meestal enkel nog sulferdampen zien omhoog stijgen. Rond middernacht liggen we op onze matras in ons 1.001 sterrenhotel. Rond 4u30 worden we gewekt om nog eens naar de krater te stappen. De zon komt op waardoor we de mooie en grillige lavastromen rond de krater kunnen bewonderen. Het lijkt alsof ze pas gisteren gestold zijn. Daarna vatten we de terugtocht aan. Elk gaat in eigen tempo naar beneden. Ook nu zien we waar we gisterenavond over gestapt hebben, kilometers gestolde lava. We zien ook de keerzijde van het toerisme naar de vulkaan. Of van de soldaten die het gebied bewaakten?

Net zoals bij de slaapplaats liggen overal lege plastiek flessen, een zeer groot minpunt. Hier zijn ze duidelijk niet bezig met het milieu. Terug in het kamp worden we verwend met een lekker en uitgebreid ontbijt. Daarna rijden we over hetzelfde zanderige en hobbelige pad terug tot aan de hoofdweg. 's Middags pauzeren we bij een enorm zoutmeer. Tijd om ons te verfrissen en te zwemmen. Erg fris worden we er niet van want het water is bloedheet en zwemmen moet hier als drijven gelezen worden. In de late namiddag zijn we terug in Abale, waar we logeren bij een lokale familie. De koude douche doet wonderen.
Opnieuw moeten we vroeg uit de veren! De Ethiopische parasieten hebben Martien te pakken. Ze nestelen zich in haar darmen met alle gekende
vervelende gevolgen. Om 4u30 zijn we al op weg, richting Danakil-woestijn. Dit gebied ligt 125m onder de zeespiegel en is daarmee het laagste punt van Afrika. Het is ook de warmste plek op aarde! We ontbijten onderweg in een klein restaurant in een Afardorp. Alles is hier zeer dor en stoffig! We rijden door de zoutwoestijn en zien in de verte Afar-mensen zout kappen. We stoppen bij een gebergte, laten de jeep achter ons en wandelen de berg op, alweer begeleid door een Afar-man met geweer. Na een korte wandeling bereiken we Dallol, een unicum op de wereld! Deze surrealistische vlakte bestaat uit grillige zout- en sulferformaties met prachtige gele, witte en groene kleuren en kleurrijke riviertjes en waterplassen. Het is onwerkelijk prachtig!


Het lijkt alsof we op een andere planeet aanbeland zijn. We hebben ogen en tijd tekort. Daarna rijden we verder naar een canyon, volledig uit zout gevormd. Deze zoutbergen zijn ooit achtergelaten door de Rode zee. De grillige vormen zijn gevormd door wind en water.Vervolgens rijden we door naar de zoutmijn.

Waar het zoutmeer zich heeft teruggetrokken zien we Afar-mensen grote blokken zout loskappen van de zoutbodem. Het is ondertussen alweer snikheet. Al meer dan 2000 jaar overleven de Afar hier door deze zoutwinning. De zoutblokken van ongeveer vijf kilo worden op kamelen geladen om dan in zoutkaravanen aan hun tocht van 7 dagen naar de Ethiopische hoogvlakte te beginnen. In Mekele worden ze dan doorverkocht aan handelaren. Een laatste halte is bij het grote zoutmeer waar het witte zout overheersend is. Na de lunch rijden we de lange rit naar Mekele terug. De zoektocht naar een goede overnachtingsplaats is heel lastig! De twee pensions die we bezoeken zijn donker en vies, niks voor ons. We settelen ons uiteindelijk in Parrot Guesthouse, wat duurder maar wel met een gezellige tuin.
Ondanks de hitte en de lange ritten in de jeep was de driedaagse jeeptour naar Danakil een absoluut hoogtepunt tijdens onze reis in Noord-Ethiopië.
Wat een avonturen! Kleurrijker kan niet meer.geniet ervan
BeantwoordenVerwijderen