ILE SAINTE MARIE & ANTANANARIVO ( 21 - 28 AUG 2019 )
Stipt om 4u worden we, samen met nog een andere reiziger, opgepikt
door het busje van de bootcompany. Als we ons willen registreren in het kantoor
blijkt dat we bij de foute company terecht gekomen zijn. Het is blijkbaar voor
iedereen vroeg? Een telefoontje naar Cap Sainte Marie en we worden even later opgepikt
en gedropt bij de juiste company. Het ontbijt, dat inbegrepen is, stelt niets voor:
een kopje thee of koffie en 3cm stokbrood.
Wij zijn de enige vreemdelingen in het busje naar de haven Soanierana
Ivongo. Wij dachten dat we alle
slechtste wegen reeds bereden hadden op onze reis, maar niets is minder
waar. De weg (RN5) is de grote winnaar
in erbarmelijk wegdek. Wat ooit een asfaltweg was, is nu een hindernissen parcour
vol gaten, putten,.. Het eerste deel van de rit, van Tamatave naar Mahambo, 65
km duurt meer dan 3 uur.


Ochtenddutten zit er totaal niet in. Eens het daglicht
er is kunnen we weerom genieten van het
tropische regenwoud en het lokale leven in en rond de bamboehutjes. De volgende
90km is de weg veel beter en twee uur later bereiken we Soanierana Ivongo.
De stad en de haven zijn zeer vies, vuil en ongezellig. In
onze ferryboot is er plaats voor 20 mensen. We doen onze zwemvesten aan
om de oversteek naar Ile Sainte Marie te maken. De haven uitvaren is geen
makkie door de hoge golven en de woelige zee. Eén van de hulpjes kruipt
over de boeg tot voor de kajuit. Hij moet met een trekker de ruit vrijwaren van
de spetters van de golven, zodat de schipper de hoge golven ziet afkomen. Voor
ons lijkt dit een beangstigende job. We worden opnieuw dooreengeschud zoals in
het busje maar deze keer door het op en neer gaan van de boot.

Eénmaal aan land staan er ons velen op te wachten met hulp
en advies maar op dit kleine eiland zal het wel alleen lukken. We kiezen om in het dorp, Ambodifofatra, te
blijven. Een dorp heeft net iets meer te bieden dan een afgelegen strandhutje.
We hebben onze zinnen gezet op hotel Hortensia maar dit is helaas volzet voor
vandaag. Morgen komt er een kamer vrij en proberen we opnieuw. We gaan voor de
2e keuze in een houten bungalow, even verder op. We kunnen beginnen aan het uitbollen
van onze lange reis….
Het dorp is een paar straten groot en heeft enkele gezellige
restaurantjes en winkeltjes. Er verblijven hier opvallend veel Fransmannen die
heel nauwe vriendschappen hebben met jonge lokale meisjes. Het eiland is van
zuid naar noord 60km en het breedste punt 7km. Het eiland is één grote mooie
botanische tuin vol
exotische planten. Hoe kan het ook anders… het ene moment
valt het water met bakken uit de lucht en het ander moment is de zon volle bak
van de partij, steeds met aangename temperaturen.
Het eiland was rond de 18e eeuw een echt
piratenbolwerk. De ligging was ideaal, hun schip konden ze verstoppen achter
Ile aux Forbans vanwaar ze zicht hadden op de handelsroutes van de
scheepvaardij. Daarnaast hadden ze op de eilanden een overvloed aan fruit. Een
aantal beruchte Franse en Engelse piraten liggen begraven op het piratenkerkhof
op een heuvel in Baie des Forbans. We maken er een tocht van om hen ook onze
laatste groet te brengen. Enkele graven verdwenen reeds in de zee omdat er elk
jaar ferme cyclonen over het eiland razen en zo delen van de oevers verdwijnen.
De weg naar het kerkhof is
tropisch mooi en gaat via meerdere lagunes.
Vanuit de baai zien
we ook de eerste gebouwde katholieke kerk van Madagaskar.
We huren een brommer en rijden naar het eiland Ile Aux
Nattes dat aan de zuidkust ligt. Het eiland zelf is enkel te bereiken per
pirogue. Er zijn hier mooie stranden, er zijn geen wegen waardoor er geen
auto’s rijden. De zee is helderblauw, de zon is enkele uren van de partij, meer
hebben wij niet nodig. We verkennen het
kleine eiland en wandelen door het dorp. Hier heeft de tijd stilgestaan, de eilandbewoners leven ver weg van de moderne wereld, van de consumptie en zijn op zichzelf aangewezen. We smullen overheerlijke zee- verse vis. Eentje van ons beiden plonst
in de zee en zo gaat ook deze dag aan ons voorbij. Drie lemuren zijn van de
partij en laten van
zich horen. We zijn getuige van “als 2 lemuren vechten voor een been, loopt de derde ermee heen”-gevecht. Een oorverdovend agressief gekrijs. We weten niet goed wat ‘Nattes’ betekent maar we veronderstellen
‘zandvlooien’ want eentje van ons beiden heeft ontelbaar veel vlooienbeten.
Zondag is hier een rustdag, Voor ons zeker, het is onze laatste
zondag op onze reis. In het dorp valt
het leven stil. Op een pleintje zijn er hanengevechten, enkel voor hanen en
mannen. Die mannen koesteren hun dieren alsof hun leven ervan afhangt. Ze
strelen de hanen, keuren hun pootjes,….niet de mooiste activiteit.
We vliegen terug naar Antananarivo, waar we nog een laatste vakantiedag hebben en een ereronde doen in de stad.
Tegenwoordig
zien wij overal 2-lingen! Onze familie Filmar wordt nog een
beetje groter. Jolle en Wendy krijgen een 3e en 4e
kindje, een 2-ling op komst. Oona en Kato worden trotse zusjes. Zij blij, wij
blij, iedereen heel blij. Onze gedachten
dwalen meer en meer weg in de richting van: volgende week dit, overmorgen
dat... Het kriebelt als we aan onze kleintjes, de kleintjes op komst, onze grote kinderen en co's, aan
mamz en aan iedereen denken.
Geen opmerkingen:
Een reactie posten