donderdag 11 juli 2019
DAR & IRINGA ( 1 - 5 JULI 2019 )
een fysieke
beperking. Je kan er dagelijks workshops meevolgen met en bij hen. In Tanzania
behoort deze groep tot de armsten van de armsten. Dankzij dit project krijgen
ook zij kansen en een plaats in de maatschappij. Fantastisch! Het wordt meteen
onze vaste eetplek. Vanuit Iringa willen we het Ruaha Nationaal park bezoeken. We
regelen een tweedaagse safari-tour bij “Wild Gaze”. Ernest, de eigenaar is een
fantastische vent. Hij doneert een deel van zijn inkomsten aan lokale
schooltjes. Als laatste bezoeken we de Masaai-markt en geraken aan de praat met
Ester en haar zoon. Ester is een oma-Masaai die hier een kleine shop heeft. Er
zijn veel parallellen met ons…ze is mama van 7 kinderen en heeft 9
kleinkinderen. De avond brengen we door in de homestay in de zetel!
vrijdag 5 juli 2019
ZANZIBAR/ JAMBIANI & STONE TOWN ( 25 - 30 JUNI 2019 )
Het duurt slechts anderhalf uur om Zanzibar te doorkruisen. Onderweg zien we veel kokos-palmen en bananenbomen. We genieten van het lokale leven. Jambiani voelt meteen goed aan, het is compleet anders dan Nunghi. Het strand is kilometers ver uitgestrekt langs de Indische oceaan en afgeboord met lange rijen kokos-palmen. De zee heeft prachtige kleuren, variërend van turkoois tot ultramarijn. Jambiani is in feite één langgerekt dorp langs het strand. Hier zijn slechts een handjevol toeristen. Zwemmen kan enkel bij vloed, bij eb trekt de zee ver weg en geeft ons een Crotoy-gevoel. We kunnen uren wandelen langs de branding met af en toe een plons in de oceaan om af te koelen. De dagen vliegen zo aan ons voorbij en bestaan vooral uit strand-wandelingen, boeken lezen en alles zeer relaxed op ons laten afkomen. Vanuit Jambiani
organiseren touroperators 's morgens vroeg dolfijntoers naar Kizim Kazi, een half uurtje hier vandaan. Volgens Lonely planet geen aanrader omdat er teveel speedboten zijn die de dolfijnen stress bezorgen. Omdat het laag seizoen is, en er weinig toeristen zijn, riskeren we het toch. Terwijl de zon 's morgens opkomt vertrekken we al met de motorboot op zee. Er is een heel sterke wind met grote, ontstuimige golven als gevolg. Hoe verder we de zee op varen, hoe groter de golven worden. Ons bootje gaat meters op en neer over de golven en het is helemaal geen pretje! We varen terug dichter bij het strand en spotten enkele dolfijnen. Zwemmen met de dolfijnen is geen optie, er zijn teveel boten en de zee is veel te gevaarlijk met de grote golven.
Op een andere dag gaan we mee zeilen met een dhow, een lokale vissersboot. We wanen ons in een diepe houten badkuip met een zeil aan, die met de wind vaart over de oceaan. We zijn onder de indruk van de kapitein en zijn vriend. Het zijn ervaren zeelieden die de knowhow hebben hoe je het zeil kan keren en binnenhalen. Het is een hele klus om de dhow te besturen op zee. Wij zouden na een dag zeilen waarschijnlijk in Sri Lanka aanmeren of gewoon nergens aankomen! We zijn ook verrast over de snelheid die deze boten halen met de wind in het zeil. We genieten van dit zee-avontuur. De relaxte dagen doen ons deugd. Als we de laatste avond echter een mail krijgen dat onze vlucht naar Iringa pas twee dagen later vertrekt is de rust meteen weg. Dit betekent ook dat we twee dagen vastzitten in Dar es Salaam en dat zien we totaal niet zitten. Eenmaal terug in Stonetown worden we, na
een pittige discussie in het lokale kantoor van Tanzania air, doorgestuurd naar het hoofdkantoor in de luchthaven. Bij aankomst is het kantoor gesloten en bellen we het noodnummer. Een vriendelijke dame aan de lijn vertelt dat ze er over 20 minuten zal zijn. Pas drie uur later komt de dame aan en doet alsof er niks aan de hand is. Madam was tijdens haar werkuren 'even naar de stad en de bank' en het liep een beetje uit. Bij ons word je daarvoor op staande voet ontslagen, maar ja...'this is Africa'' zeggen ze hier dan. De kunst om rustig te blijven op zo'n moment hebben wij nog niet onder de knie! Maar goed, uiteindelijk zoekt ze voor ons een redelijke oplossing: we blijven twee dagen langer in Zanzibar (wat we helemaal niet erg vinden) waardoor we slechts één nacht in Dar moeten overnachten (en alles op hun kosten). We laten alles op papier zetten en
vertrekken. Gelukkig dat zowel Abdul van de airbnb in Stonetown en Emima van de airbnb in Iringa begrip hebben voor onze situatie en er geen punt van maken. We hebben dus twee extra dagen in Stonetown. We maken van de gelegenheid gebruik om eens te skypen met onze geliefde familie thuis. Ze zijn zondag allemaal samen voor een feestje. Het kriebelt als we hen zien en horen, want we willen ook wel bij hen zijn. We hebben in Stonetown ondertussen onze vaste stekjes en gewoonten: in het Ma shaa Allah-restaurant eten we 's middags uitgebreid buffet en gaan daarna koffie drinken in het Zanzibar coffeehouse. 's Avonds wandelen we naar de Forodhani Gardens om vers vruchtensap te drinken. Even verderop eten we kip-kebab of Zanzibar-pizza bij één van de lokale eettentjes en gaan een pint drinken op floating-restaurant ( één van de weinige
plaatsen waar alcohol te krijgen is). Na 14 dagen Zanzibar zijn we klaar om met onze grote backpack weer verder te trekken en nieuwe oorden op te zoeken.
maandag 1 juli 2019
ZANZIBAR/ STONE TOWN & NUNGHI ( 18 - 24 JUNI 2019 )
We nemen de ferry naar Zanzibar. Het is de eerste keer tijdens onze lange reis dat we zoveel toeristen samen zien. Het voelt goed aan. Tijdens de twee uur durende vaart geraken we aan de praat met Nick, een Tanziaan, die werkt voor de Tanzaniaanse ambassade. Hij onderzoekt hoe toeristen zijn land ervaren en doet hierover aanbevelingen bij de ambassade. Hij luistert aandachtig hoe we het reizen door zijn land ervaren. Vanuit ons backpackers-perspectief kunnen we heel snel een grote todo-lijst meegeven. De visie van de overheid is heel duidelijk: ze mikken op het grote geld dat kort en krachtig binnenkomt door safaris in de wildparken. Nick volgt onze visie als we stellen dat goedkopere safaris meer backpackers zou aantrekken en dat die, op hun beurt, meer zouden bijdragen tot een breder welzijn van de lokale bevolking.
De tijd gaat snel voorbij en we varen zo Zanzibar binnen. Dit eiland is deels onafhankelijk en heeft een eigen regering. Als we de boot verlaten moeten we ons eerst aanmelden en registreren bij de douane. Ze vragen naar onze vorige bestemming. Als we zeggen dat we uit Oeganda komen is het plots alle hens aan dek! We moeten uit de rij en worden afzonderlijk genomen. Het is precies alsof ze horen: “wij komen uit Ebolaland en komen Zanzibar besmetten”. De twee dames in het controlehokje zijn minder werklustig en nemen genoegen met onze antwoorden dat we gezond zijn en reeds enkele weken in Tanzania reizen.
Aan de uitgang van de haven worden we verwelkomd door Abdul. We logeren enkele dagen in zijn appartement dat op stapafstand van de haven ligt. Hij woont er niet waardoor
de hele ruimte voor ons is.
Vanop zee zagen we meteen dat Stone Town een gezellige stad is. Zanzibar is bekend om zijn mooie stranden, blauwheldere zee, specerijen en zijn kruidnagelplantages. We verkennen het oude stadsdeel en
laten ons verdwalen in het labyrint van
smalle en kronkelende straatjes en winkeltjes. Stone Town voelt aan als een mix van
Havana, de soeks in Marakech maar dan kleinschalig, en India omdat de moslima
rondlopen in vrolijk gekleurde doeken. De bewoners van het eiland zijn overwegend islamitisch. Mannen dragen hun moslim-hoedje, vrouwen dragen gekleurde doeken. We zien ook opvallend veel vrouwen in hun zwarte lange doeken, met alleen de ogen onbedekt. Ook jonge meisjes vanaf twee jaar dragen al een hoofddoek en de jongens een hoedje. Het historisch centrum is fraai, maar
wellicht ook één van de meest vervallen steden
die erkend is door Unesco.
Typisch zijn de grote zware deuren met ijzeren pinnen. Dit zijn restanten van
de Indische periode om bescherming te bieden tegen aanvallen van olifanten.
Zanzibar is ook bekend om zijn slavenhandel. In 1811 werd door een Omaanse sultan
de slavenmarkt opgericht. Tien-duizenden mensen werden in Oost-Afrika gevangen
genomen en als slaven verkocht om in plantages te werken of ze werden
verscheept naar Oman. In het slavenmuseum verdiepen we ons in de zeer
mensonwaardige handel die meer dan honderd jaar duurde. Op het hoogtepunt
werden 25.000 tot 50.000 mensen per jaar verhandeld. Geen bezoek om vrolijk van
te worden.
We bezoeken met een taxiboot Prison eiland, dat op een halfuurtje varen van Stone Town ligt. In 1873 liet een rijke Arabier hier een
gevangenis bouwen voor ongehoorzame slaven, maar deze werd uiteindelijk nooit gebruikt. Op dit eiland leven honderden landschildpadden. In oorsprong waren ze met 4, de oudste schildpad is ondertussen 180 jaar. Het zijn, stuk voor stuk, prachtige oerdieren die zeer gewillig een selfie laten nemen. Rond het eiland, dat gelegen is in de Indische oceaan, is er kristalhelder water, koraalriffen, prachtig weer, ideaal om te snorkelen. Die kans laten we niet aan ons voorbijgaan en drijven met onze snorkelmasker boven de mooie onderwater-wereld.
We willen meerdere plaatsen op Zanzibar bezoeken en kiezen om ook de sfeer op te snuiven in het noorden (Nungwi) en later het zuidoosten (Jambiani) van het eiland. Nungwi ligt op 60 km van Stone Town. De daladala houden we even voor bekeken en we nemen een taxi. We houden onderweg halt in het
vissersdorp Mkokotoni. Het strand is één grote scheepswerf. We horen
overal ritmisch geklop van vissers die hun dhows aan het herstellen zijn. Er
wandelt ook een grote groep mensen over het strand naar hun boot. Ze zijn allen
feestelijk gekleed en nodigen ons uit om
mee te gaan naar een trouwfeest op het eiland even verderop. Sommigen dragen
onderdelen van een bed, een surrealistisch beeld! Dit is het geschenk van de bruidegom aan zijn
bruid. Wij bedanken hen vriendelijk en wensen hen een vrolijk feest.
In Nunghi hebben we een huis voor ons alleen, op 5 minuten wandelen van het strand. We verkennen het dorp en krijgen kippenvel als we zien hoe arm de lokale mensen hier leven, in groot contrast met de sjieke resorts langs het strand! Hier geen stromend water, kleine huizen zonder ventilator terwijl ook zij moeten
leven in de hitte. Ook dit is Zanzibar, dit is vooral Zanzibar maar deze beelden passen niet op de websites en in de folders van zon, zee en strand. We blijven hier enkele dagen.
Naast het relaxen aan het strand maken we enkele mooie, lange strandwandelingen, waarvan eentje naar de vuurtoren en één naar Kendwa. Op de stranden zien we veel Masaai-jongeren. Zij wonen in Arusha en komen hier een vakantiejob uitoefenen tot in december. Hun job bestaat erin om masaai-sieraden te verkopen en resorts te bewaken. Tijdens de strandwandeling naar Kendwa geraken we echter vast! Als het vloed is komt de zee tot tegen de rotsen en moeten we een omweg maken over de terreinen van de resorts. Masaai-bewakers maken ons meerdere malen duidelijk dat dit strikt verboden. Er zit niks anders op dan te wachten tot het water
voldoende weggetrokken is. De witte
zandstranden van Kendwa behoren tot de mooiste van Zanzibar, maar worden
overspoeld door resorts, met om de 100m een bewaker, niks voor ons.
We konden al vele dromen waarmaken en nu krijgen we de kans om er nog ééntje waar te maken. We kunnen zwemmen met dolfijnen nabij Mnemba-eiland. Filip observeert vanop de boot en ik duik het water in en uit. Dit is geen makkie, dolfijnen achterna zwemmen in een oceaan vraagt toch serieus wat zweminspanningen. Een bijzondere ervaring maar zwemmen met dolfijnen mag vooral gelezen worden als zwemmen boven dolfijnen, groot en klein. Ze komen altijd maar even boven water. We houden ook halt op een prachtzandbank en smullen er tropisch fruit. We wanen ons echt
in een paradijs. We sluiten af met een fantastische snorkelsessie. Morgen doorkruisen we Zanzibar en rijden van Noord-West naar Zuid-Oost Zanzibar.
Abonneren op:
Posts (Atom)






















