donderdag 11 juli 2019

DAR & IRINGA ( 1 - 5 JULI 2019 )

 

We wandelen nog een laatste keer langs de boulevard en nemen afscheid van Zanzibar. Onze vlucht naar Dar es Salaam vertrekt pas om 21u10. We hebben enorm genoten van Zanzibar!  Bij aankomst in Dar  is het even zoeken naar de taxi van Tanzania air. Na wat rondbellen is hij gevonden en kunnen we naar een airport-hotel, op 5 min van de luchthaven. We krijgen een ‘luxe-kamer’, waar we echter maar kort van kunnen genieten. Om 6 uur moeten we  opstaan en vertrekken na het ontbijt naar de luchthaven, of toch weer niet onmiddellijk …de taxi komt 20 minuten te laat. Om 9u stijgt het vliegtuig op. Vanuit ons vliegtuigraam zien we de vegetatie veranderen. Alles wordt uitgestrekter en droger, met hier en daar een heuvel. Bij aankomst in Iringa worden we opgewacht door Joshua, van onze airbnb, en rijden meteen door naar de stad. De

homestay valt tegen. Vooreerst is Emima, de gastvrouw, er niet en moeten Joshua en Rebecca zich over ons ontfermen. Het is heel basic en ongezellig. Er is geen keuken, eten klaarmaken gebeurt op de grond. Koken op een houtskoolpot. Er is geen tafel, we eten in de zetel uit het vuistje. Er is geen warm water om ons te wassen, soms zelfs geen water en een vies hurktoilet. Buiten is het stoffig, er is geen tuin en overal ligt rommel en puin. We moeten een knop omdraaien en er het beste van maken. We waarderen heel erg dat Joshua zijn uiterste best doet om ons op alle vlakken te helpen.

In de stad ontdekken we Neema Crafts, een geweldige plek met winkel, restaurant en kamers. Het is een sociaal project, alle medewerkers zijn doof en alle artikelen in de winkel worden vervaardigd door mensen met

 

een fysieke beperking. Je kan er dagelijks workshops meevolgen met en bij hen. In Tanzania behoort deze groep tot de armsten van de armsten. Dankzij dit project krijgen ook zij kansen en een plaats in de maatschappij. Fantastisch! Het wordt meteen onze vaste eetplek. Vanuit Iringa willen we het Ruaha Nationaal park bezoeken. We regelen een tweedaagse safari-tour bij “Wild Gaze”. Ernest, de eigenaar is een fantastische vent. Hij doneert een deel van zijn inkomsten aan lokale schooltjes. Als laatste bezoeken we de Masaai-markt en geraken aan de praat met Ester en haar zoon. Ester is een oma-Masaai die hier een kleine shop heeft. Er zijn veel parallellen met ons…ze is mama van 7 kinderen en heeft 9 kleinkinderen. De avond brengen we door in de homestay in de zetel!

Nordin, de gids van Wild Gaze, pikt ons met zijn jeep op bij de airbnb. Daarna pikt hij ook Louis, een Belg (die in Noorwegen woont) en Joanna, een Portugese, op en zo is onze groep compleet. We ontmoetten dit koppel gisteren in Neema Crafts en ze beslisten om ook mee te gaan. Voor ons is dit, financieel, een enorme meevaller (de duurste kost, nl. het vervoer, wordt gedeeld !). Na 20 km wordt de asfaltweg ingewisseld voor een aardeweg die we nog 100km volgen. We stoppen onderweg bij één van de schooltjes die Ernest sponsort. De directeur neemt ons mee naar de klassen en vertelt over de schrijnende toestanden in zijn school. Er zitten 440 kinderen en er zijn slechts 6 leerkrachten. Er zitten zo’n 60 wezen die volledig afhankelijk zijn van de school. Deze kinderen krijgen één maaltijd per dag, de ene

 

dag rijst, de andere dag bonen,…Dit alles wordt klaargemaakt door vrijwilligers in een veldkeuken, heel primair allemaal. Ernest sponsorde hier een handwaterpomp, wat hem € 600 kostte. Een klein bedrag voor ons, een grote investering hier in Tanzania. En toch, zien we als we hier rondlopen  alleen maar blije gezichten en vrolijke kinderen. Een uurtje later rijden we het nationale park binnen en lunchen bij een viewpoint over de rivier. In en rond de rivier zien we hippo’s en krokodillen.  Joanna en Louis zijn vogelaars die constant door hun verrekijker kijken en de gespotte vogels opzoeken in hun Afrikaanse vogelboek. We rijden het Nationale park verder binnen. Het landschap, met z’n vele baobabs, is prachtig. De namiddag doen we een super gamedrive en de dag vliegt zo aan ons voorbij. We zien meerdere groepen giraffen, olifanten, waterbokken,

bavianen, impala’s, buffels, zebra’s en dit soms van ver, soms van heel dichtbij. We spotten ook enkele jakhalzen, hyena’s en een luierend luipaard. Het is al donker als we onze banda bereiken. We  dineren, met Louis, Joanna en Nordin buiten onder een heldere sterrenhemel. Van de twee flessen wijn die Ernest meegaf blijkt er al één half leeg te zijn bij aankomst...maar Nordin doet alsof zijn neus bloedt! De gewapende nachtwaker begeleidt ons naar onze banda omdat de hippo’s en olifanten hier in het donker komen grazen.

Het is nog donker als we de volgende morgen opnieuw vertrekken op gamedrive. We zien de zon opkomen, het ochtendlicht is prachtig! Omdat er ’s morgens meest kans is om dieren te spotten bij de rivier rijden we erheen. We zien 2 leeuwen onze kant

opkomen, hun poten nog in bloed van het verorberen van hun prooi. Ze passeren de jeep en gaan bij de rivier drinken. Nog een derde en een vierde leeuw komen er bij. Het is duidelijk dat hun buikjes goed gevuld zijn. Ze slenteren naar een struik en gaan in de schaduw luieren. ’s Nachts jagen vraagt van hen zoveel energie dat ze de komende vijf uur alleen maar slapen en rusten. Wat een topper op onze safari! Na het ontbijt doen we nog een laatste gamedrive en zien opnieuw olifanten, giraffen,… De interesses van Louis & Joanne en zijn duidelijk verschillend van de onze. Terwijl wij de grote olifanten bewonderen zijn Louis en Joanna druk naar de andere kant  vogels aan het spotten. Maar het moet gezegd, het is leuk met hen. Dankzij hen hebben we ook oog voor de Afrikaanse vogels en leren de namen van enkele soorten, zoals de Afrikaanse visarend,

 hornbill, yellow-collared lovebird, pied crow, woolly-necked stork,…

Als afsluiter stoppen we nog in een Masaai-dorp naast het nationaal park. De zoon van de chief spreekt als enige Engels en staat ons te woord. Hij vertelt dat de Masaai niet in de moderne wereld willen stappen, ze willen verder leven volgens hun tradities. Ze leven heel sober, ze eten enkel vlees, drinken melk en bloed, en dat is alles. Ze gebruiken kruiden en planten om ziekten te genezen. Voor hen draait alles rond hun koeien, die zijn hun rijkdom. Kinderen gaan niet naar school, maar gaan met de koeien op stap. Hij vertelt over de vele problemen en uitdagingen waarmee de Masaai te maken krijgen. Zo zijn er de wilde dieren die ’s nachts hun vee aanvallen en doden. Ze staan onder druk van de overheid om te verhuizen of land af te staan voor uitbreiding van het park. Na de

 rondleiding kijken we nog even naar hun sieraden die te koop zijn en naar hun typische springdansen. De tweedaagse was super, zijn geld meer dan waard. We hebben van elke seconde genoten. De laatste dag in Iringa slapen we uit, lunchen in Neema crafts en nemen afscheid van Ester, de oma Masaai. We hebben veel problemen met het internet die steeds uitvalt. Uiteindelijk lukt het ons toch de blog van Jambiani en Zanzibar te posten. In de homestay is het één en al drukte. Rebecca en Joshua koken voor onze laatste avond en wij mochten het menu kiezen. Tomatensoep met chapati en advocado-salade. Geen van beiden heeft ooit soep gemaakt en moet Martien ze met woord en daad bijstaan. Twee uur later dan voorzien kunnen we eten, en het smaakt! Om eerlijk te zijn…als we  ’s avonds in bed liggen zijn we blij dat het hier onze laatste nacht is en dat we morgen weg zijn.

vrijdag 5 juli 2019

ZANZIBAR/ JAMBIANI & STONE TOWN ( 25 - 30 JUNI 2019 )

 

Het duurt slechts anderhalf uur om Zanzibar te   doorkruisen. Onderweg zien we veel kokos-palmen en bananenbomen. We genieten van het lokale leven. Jambiani voelt meteen goed aan, het is compleet anders dan Nunghi. Het strand is kilometers ver  uitgestrekt langs de Indische oceaan en afgeboord met lange rijen kokos-palmen.  De zee heeft prachtige kleuren, variërend van turkoois tot ultramarijn. Jambiani is in feite één langgerekt dorp langs het strand. Hier zijn slechts een handjevol toeristen. Zwemmen kan enkel bij vloed, bij eb trekt de zee ver weg en geeft ons een Crotoy-gevoel. We kunnen uren wandelen langs de branding met af en toe een plons in de oceaan om af te koelen. De dagen vliegen zo aan ons voorbij en bestaan vooral uit strand-wandelingen, boeken lezen en alles zeer relaxed op ons laten afkomen.  Vanuit Jambiani

 organiseren touroperators 's morgens vroeg dolfijntoers naar Kizim Kazi, een half uurtje hier vandaan. Volgens Lonely planet geen aanrader omdat er teveel speedboten zijn die de dolfijnen stress bezorgen. Omdat het laag seizoen is, en er weinig toeristen zijn, riskeren we het toch. Terwijl de zon 's morgens opkomt vertrekken we al met de motorboot op zee. Er is een heel sterke wind met grote, ontstuimige golven als gevolg. Hoe verder we de zee op varen, hoe groter de golven worden. Ons bootje gaat meters op en neer over de golven en het is helemaal geen pretje! We varen terug dichter bij het strand en spotten enkele dolfijnen. Zwemmen met de dolfijnen is geen optie, er zijn teveel boten en de  zee is veel  te gevaarlijk met de grote golven.                                                  

Op een andere dag gaan we mee zeilen met een dhow, een lokale vissersboot. We wanen ons in een diepe houten badkuip met een zeil aan, die met de wind vaart over de oceaan. We zijn onder de indruk van de kapitein en zijn vriend. Het zijn ervaren zeelieden die de knowhow hebben hoe je het zeil kan keren en binnenhalen. Het is een hele klus om de dhow te besturen op zee. Wij zouden na een dag zeilen waarschijnlijk in Sri Lanka aanmeren of gewoon nergens aankomen! We zijn ook verrast over de snelheid die deze boten halen met de wind in het zeil. We genieten van dit zee-avontuur. De relaxte dagen doen ons deugd. Als we de laatste avond echter een mail krijgen dat onze vlucht naar Iringa pas twee dagen later vertrekt is de rust meteen weg. Dit betekent ook dat we twee dagen vastzitten in Dar es Salaam en dat zien we totaal niet zitten. Eenmaal terug in Stonetown  worden we, na

een pittige discussie in het lokale kantoor van Tanzania air, doorgestuurd naar het hoofdkantoor in de luchthaven. Bij aankomst is het kantoor gesloten en bellen we het noodnummer. Een vriendelijke dame aan de lijn vertelt dat ze er over 20 minuten zal zijn. Pas drie uur later komt de dame aan en doet alsof er niks aan de hand is. Madam was tijdens haar werkuren 'even naar de stad en de bank' en het liep een beetje uit. Bij ons word je daarvoor op staande voet ontslagen, maar ja...'this is Africa'' zeggen ze hier dan. De kunst om rustig te blijven op zo'n moment hebben wij nog niet onder de knie! Maar goed, uiteindelijk zoekt ze voor ons een redelijke oplossing: we blijven twee dagen langer in Zanzibar (wat we helemaal niet erg vinden) waardoor we slechts één nacht in Dar moeten overnachten (en alles op hun kosten). We laten alles op papier zetten en

vertrekken. Gelukkig dat zowel Abdul van de airbnb in Stonetown en Emima van de airbnb in Iringa begrip hebben voor onze situatie en er geen punt van maken. We hebben dus twee extra dagen in Stonetown. We maken van de gelegenheid gebruik om eens te skypen met onze geliefde familie thuis. Ze zijn zondag allemaal samen voor een feestje. Het kriebelt als we hen zien en horen, want we willen ook wel bij hen zijn. We hebben in Stonetown ondertussen onze vaste stekjes en gewoonten: in het Ma shaa Allah-restaurant eten we 's middags uitgebreid buffet en gaan daarna koffie drinken in het Zanzibar coffeehouse. 's Avonds wandelen we naar de Forodhani Gardens om vers vruchtensap te drinken. Even verderop eten we kip-kebab of Zanzibar-pizza bij één van de lokale eettentjes en gaan een pint drinken op floating-restaurant ( één van de weinige

plaatsen waar alcohol te krijgen is). Na 14 dagen Zanzibar zijn we klaar om met onze grote backpack weer verder te trekken en nieuwe oorden op te zoeken.

 

 

maandag 1 juli 2019

ZANZIBAR/ STONE TOWN & NUNGHI ( 18 - 24 JUNI 2019 )


We nemen de ferry naar Zanzibar. Het is de eerste keer tijdens onze lange reis dat we zoveel toeristen samen zien. Het voelt goed aan. Tijdens de twee uur durende vaart geraken we aan de praat met Nick, een Tanziaan, die werkt voor de Tanzaniaanse ambassade. Hij onderzoekt hoe toeristen zijn land ervaren en doet hierover aanbevelingen bij de ambassade. Hij luistert aandachtig hoe we het reizen door zijn land ervaren. Vanuit ons backpackers-perspectief kunnen we heel snel een grote todo-lijst meegeven. De visie van de overheid is heel duidelijk: ze mikken op het grote geld dat kort en krachtig binnenkomt door safaris in de wildparken. Nick volgt onze visie als we stellen dat goedkopere safaris meer backpackers zou aantrekken en dat die, op hun beurt, meer zouden bijdragen  tot een breder welzijn van de lokale bevolking.

 

De tijd gaat snel voorbij en we varen zo Zanzibar binnen. Dit eiland is deels  onafhankelijk en heeft een eigen regering.  Als we de boot verlaten moeten we ons eerst aanmelden en registreren bij de douane. Ze vragen naar onze vorige bestemming. Als we zeggen dat we uit Oeganda komen is het plots alle hens aan dek! We moeten uit de rij en worden afzonderlijk genomen. Het is precies alsof ze horen: “wij komen uit Ebolaland en komen Zanzibar besmetten”.  De twee dames in het controlehokje zijn minder werklustig en nemen genoegen met onze antwoorden dat we gezond zijn en reeds enkele weken in Tanzania reizen.

Aan de uitgang van de haven worden we verwelkomd door Abdul. We logeren enkele dagen in zijn appartement dat op stapafstand van de haven ligt. Hij woont er niet waardoor

de hele ruimte voor ons is. Vanop zee zagen we meteen dat Stone Town een gezellige stad is.  Zanzibar is bekend om zijn mooie stranden, blauwheldere zee, specerijen en zijn kruidnagelplantages.  We verkennen het oude stadsdeel en laten ons verdwalen in het labyrint van  smalle en kronkelende straatjes en winkeltjes. Stone Town voelt aan als een mix van Havana, de soeks in Marakech maar dan kleinschalig, en India omdat de moslima rondlopen in vrolijk gekleurde doeken. De bewoners van het eiland zijn overwegend islamitisch. Mannen dragen hun moslim-hoedje, vrouwen dragen gekleurde doeken. We zien ook opvallend veel vrouwen in hun zwarte lange doeken, met alleen de ogen onbedekt. Ook jonge meisjes vanaf twee jaar dragen al een hoofddoek en de jongens een hoedje. Het historisch centrum is fraai, maar wellicht ook één van de meest vervallen steden

 die erkend is door Unesco. Typisch zijn de grote zware deuren met ijzeren pinnen. Dit zijn restanten van de Indische periode om bescherming te bieden tegen aanvallen van olifanten. Zanzibar is ook bekend om zijn slavenhandel. In 1811 werd door een Omaanse sultan de slavenmarkt opgericht. Tien-duizenden mensen werden in Oost-Afrika gevangen genomen en als slaven verkocht om in plantages te werken of ze werden verscheept naar Oman. In het slavenmuseum verdiepen we ons in de zeer mensonwaardige handel die meer dan honderd jaar duurde. Op het hoogtepunt werden 25.000 tot 50.000 mensen per jaar verhandeld. Geen bezoek om vrolijk van te worden.

We bezoeken met een taxiboot Prison eiland, dat op een halfuurtje varen van Stone Town ligt.  In 1873 liet een rijke Arabier hier een

 

gevangenis bouwen voor ongehoorzame slaven, maar deze werd uiteindelijk nooit gebruikt. Op dit eiland leven honderden landschildpadden. In oorsprong waren ze met 4, de oudste schildpad is ondertussen 180 jaar. Het zijn, stuk voor stuk, prachtige oerdieren die zeer gewillig een selfie laten nemen. Rond het eiland, dat gelegen is in de Indische oceaan, is er kristalhelder water, koraalriffen,  prachtig weer, ideaal om te snorkelen. Die kans laten we niet aan ons voorbijgaan en drijven met onze snorkelmasker boven de mooie onderwater-wereld.

We willen meerdere plaatsen op Zanzibar bezoeken en kiezen om ook de sfeer op te snuiven in het noorden (Nungwi) en later het zuidoosten (Jambiani) van het eiland. Nungwi ligt op 60 km van Stone Town.  De daladala houden we even voor bekeken en we nemen een taxi. We houden onderweg halt in het

 

vissersdorp Mkokotoni. Het strand is één grote scheepswerf. We horen overal ritmisch geklop van vissers die hun dhows aan het herstellen zijn. Er wandelt ook een grote groep mensen over het strand naar hun boot. Ze zijn allen feestelijk  gekleed en nodigen ons uit om mee te gaan naar een trouwfeest op het eiland even verderop. Sommigen dragen onderdelen van een bed, een surrealistisch beeld!  Dit is het geschenk van de bruidegom aan zijn bruid. Wij bedanken hen vriendelijk en wensen hen een vrolijk feest.

In Nunghi hebben we een huis voor ons alleen, op 5 minuten wandelen van het strand. We verkennen het dorp en krijgen kippenvel als we zien hoe arm de lokale mensen hier leven, in groot contrast met de sjieke resorts langs het strand! Hier geen stromend water, kleine huizen zonder ventilator terwijl ook zij moeten

leven in de hitte. Ook dit is Zanzibar, dit is vooral Zanzibar maar deze beelden passen niet op de websites en in de folders van zon, zee en strand. We blijven hier enkele dagen.

Naast het relaxen aan het strand maken we enkele mooie, lange strandwandelingen, waarvan eentje naar de vuurtoren en één naar Kendwa. Op de stranden zien we veel Masaai-jongeren. Zij wonen in Arusha en komen hier een vakantiejob uitoefenen tot in december. Hun job bestaat erin om masaai-sieraden te verkopen en resorts te bewaken. Tijdens de strandwandeling naar Kendwa geraken we echter vast! Als het vloed is komt de zee tot tegen de rotsen en moeten we een omweg maken over de terreinen van de resorts. Masaai-bewakers maken ons meerdere malen duidelijk dat dit strikt verboden. Er zit niks anders op dan te wachten tot het water

voldoende weggetrokken is. De witte zandstranden van Kendwa behoren tot de mooiste van Zanzibar, maar worden overspoeld door resorts, met om de 100m een bewaker,  niks voor ons.

We konden al vele dromen waarmaken en nu krijgen we de kans om er nog ééntje waar te maken. We kunnen zwemmen met dolfijnen nabij Mnemba-eiland. Filip observeert vanop de boot en ik duik het water in en uit. Dit is geen makkie, dolfijnen achterna zwemmen in een oceaan vraagt toch serieus wat zweminspanningen.  Een bijzondere ervaring maar zwemmen met dolfijnen mag vooral gelezen worden als zwemmen boven dolfijnen, groot en klein. Ze komen altijd maar even boven water. We houden ook halt op een prachtzandbank en smullen er tropisch fruit. We wanen ons echt

 in een paradijs. We sluiten af met een fantastische snorkelsessie. Morgen doorkruisen we Zanzibar en rijden van Noord-West naar Zuid-Oost Zanzibar.